woensdag 14 mei 2008

Week 28/04/08 – 04/05/08

Hoewel er de afgelopen weken op de markt een schaarste aan cement is opgetreden, verloopt de bouw van het lasatelier nog altijd vlot. De prijs is evenwel gestegen van 105000 CFA (= 160 €) per ton tot 130000 CFA (= 198 €) per ton, ofwel een prijsstijging van maar liefst 24 %. Bij gebrek aan cement heeft de werf deze week een dag stil gelegen, maar Salif heeft dan toch nog een ton weten te versieren, waarmee de afwerking van het dak kan verzekerd worden.

Op de werf van het lasatelier


Bij het mengen van water en cement

Op het einde van de week kan ik nog eens naar hartenlust Vlaams praten, want Eric Deckers en zijn twee zonen Charles en Nicolas zijn op bezoek. Eric die notaris van beroep is, brengt elk jaar een bezoek aan de projecten van de vzw Afrant en het Antoon-Jurgens-fonds in Benin en Burkina Faso. Het Antoon-Jurgens-fonds, een Nederlands fonds genoemd naar de stichter van de voedingsproducent Unilever, steunt ontwikkelingsprojecten over heel de wereld. Het programma zit eivol, want het Vlaams gezelschap blijft slechts vier dagen in Nouna. Op donderdag 1 mei hebben Eric en zijn zonen de grote oversteek gemaakt van het Noordwesten van Benin naar het Westen van Burkina, zo’n kleine 800 km, en ’s avonds zijn ze goed en wel aangekomen in Nouna, alwaar ze overnachten in het vormingscentrum Badenya.

De lagere school van Saborokui


In de klas van Saborokui

Op vrijdag maken we een grote toer langs vier projecten ten westen van Nouna. Het bezoek wordt begeleid door abbé Zéphyrin Bagnawa en Samuel Toé, de verantwoordelijke van Ocades voor opvolging en evaluatie van de projecten. Het eerste project op de agenda is het dorp Saborokui. Hier werden de afgelopen jaren een lagere school en drie woningen voor leerkrachten gebouwd. Dit jaar wordt het project in principe afgewerkt met de constructie van een keuken en wc voor elke woning, en wc’s voor de leerlingen van de school. In Saborokui worden we getrakteerd op een hapje en een drankje en mogen we de eerste kippen in ontvangst nemen.

Woning van een leerkracht te Saborokui met links de wc en de douche


Abbé Zéphyrin en Charles laten zich een glaasje dolo welgevallen.


Eric mag de eerste kippen in ontvangst nemen.

Na Saborokui zetten we onze tocht verder richting Doumbala. Naarmate we meer en meer de brousse intrekken, verslechtert de weg zienderogen. Aangekomen in Doumbala ontmoeten we abbé Samuel. Aangezien de weg achter Doumbala haast onzichtbaar wordt, wil hij ons een eindje op weg helpen in de richting van het dorp Bwanekui. Het lot wil echter dat abbé Samuel zelf de weg kwijtraakt, wat ons in één of ander veld doet terecht komen. We vinden algauw terug het goede spoor en bereiken Bwanekui, een dorp ver verwijderd van elke moderniteit, vlak bij de grens met Mali. De inwoners van Bwanekui willen een lagere school. Momenteel volgen de leerlingen opeengepakt les in een zelfgeconstrueerde hangar. In Bwanekui is men echter niet op de hoogte van onze komst. De tijd dringt en we besluiten dan ook naar onze volgende afspraak te rijden. De mensen van Bwanekui zullen we de volgende dag in Nouna ontmoeten.

We vervolgen onze weg naar het noorden. Een smal karrenspoor leidt ons langs een aantal dorpen richting Tiénékui. In Tiénékui heeft het Antoon-Jurgens-fonds twee woningen gebouwd om de verplegers te huisvesten die in het CSPS (= Centre de Santé et de Promotion Sociale) werken. We bezoeken de twee woningen en het CSPS en stellen vast dat het CSPS een beetje mager uitgerust is. Eric vraagt het personeel dan ook om een lijst te maken van al het materiaal dat men nog nodig heeft. Vervolgens beklaagt een verpleger zich dat hij in zijn woning geen wc heeft. Ook dit zal in orde gebracht worden.

Prachtige boom in Paranzo

Na Tiénékui rijden we nog verder noordwaarts en zetten we koers richting ons laatste project van de dag, de lagere school van het dorp Paranzo. Deze school heeft momenteel slechts één klas met een zestigtal leerlingen. Als we aankomen bij de school, doen we een merkwaardige vaststelling. Alle kinderen zitten vlijtig in de klas te werken, maar van de leraar is geen spoor. Op zoek naar een verklaring rijden we verder naar het centrum van het dorp. Paranzo lijkt haast uitgestorven. Bij de catechist Paul Kienou wordt de hele situatie al een beetje duidelijker. De vorige dag, op 1 mei, was het blijkbaar het feest van het dorp en iedereen is ofwel zijn roes aan het uitslapen, ofwel in het café nog rustig aan het doordrinken.

In de klas van Paranzo toont een leerling ons wat hij reeds geleerd heeft.


De klas van Paranzo

De volgende dag, zaterdag 3 mei, staat in de voormiddag de openingsplechtigheid van de katholieke radio Kantigia in Nouna op het programma. Voor de plechtigheid zijn heel wat hoogwaardigheidsbekleders uitgenodigd, zelfs de Minister van Buitenlandse Zaken is aanwezig. De radio Kantigia is het resultaat van de noeste arbeid van abbé Pierre Sanou die misschien klein van lengte is (‘een klein manneke’), maar heel wat in zijn mars heeft. Helaas kunnen we niet blijven voor een rondleiding door de lokalen. We knijpen er tussenuit om een hapje te gaan eten in het Centre Badenya alvorens de rest van de genodigden arriveert.

In de namiddag zakken we af naar Goni waar het Antoon-Jurgens-fonds de bouw van een middelbare school financiert. Aan de rand van het dorp worden we opgewacht door een aantal jagers die onze komst moeten aankondigen. Vrijwel onmiddellijk laten ze hun (middeleeuwse) geweren in elke mogelijke richting knallen. Ik voel mij hierbij helemaal niet op mijn gemak, want de jagers geven de indruk niet altijd even bewust met hun geweer om te gaan. Op het dorpsplein in het centrum is de eerste dans (uitgevoerd door mijn dansgroep) reeds op gang gekomen. We worden er hartelijk ontvangen door abbé Bernard. Een massa dorpsbewoners heeft zich op het dorpsplein verzameld.

Aandachtige toeschouwers in Goni


Ook mijn dansgroep is van de partij.


Het is de groep van Jonas Mas

Als we plaats hebben genomen, wordt ons tot mijn stomme verbazing een bord gepresenteerd waarop staat dat de dans- en theatergroep van Goni is omgedoopt tot de groep van Jonas Mas. Wat een verrassing! Na een welkomstwoord krijgen we nog een aantal optredens te zien, niet alleen van mijn groep, maar ook van de vrouwengilde van Goni. Vervolgens brengen we een bezoek aan de werf van de middelbare school. Vooral de binnenindeling van de woningen voor de leerkrachten interesseert mij nu meer en meer, aangezien ik volgend jaar wellicht ook in deze school zal lesgeven. Wanneer we terugkeren naar het dorpsplein is het tijd voor het overhandigen van een aantal geschenken. Ook Nicolas en Charles mogen een geschenk in ontvangst nemen. Ik krijg wederom een traditionele outfit van ruwe katoen (met hoedje!) en een mooi houten masker uit dogonland.

Eric wordt in een nieuw kleedje gestoken.

woensdag 30 april 2008

Week 21/04/08 – 27/04/08

Het is weeral een tijdje geleden dat ik nog in het dorp Goni gepasseerd ben, waar de vzw Afrant op dit moment een middelbare school aan het bouwen is. Ik beslis dan ook om vrijdagnamiddag op de werf de stand van zaken te gaan opmeten. Op weg naar Goni word ik aangenaam verrast. Voor het traject Nouna – Dara heeft men een nieuwe, rechte weg, dwars door de brousse aangelegd. Wat een verandering, dat gaat lekker vlot! Of het stuk tussen de dorpen Dara en Goni ook zal heraangelegd worden, is nog maar de vraag, aangezien deze weg tijdens het regenseizoen zo goed als zeker onder water staat.

Het schoolterrein van Goni (vlnr): de bureaus, het klasgebouw en de bibliotheek


Het gebouw met vier klaslokalen

De werken te Goni zijn goed gevorderd. Al de gebouwen zijn nu van een dak voorzien. Tijdens mijn bezoek zijn de arbeiders bezig de laatste twee woningen langs de buitenkant te bepleisteren. Vervolgens zullen alle muren nog met een bepaalde kleur afgewerkt worden. Langs de binnenkant resten er nog vloer- en schilderwerken. De verantwoordelijke van de werf kan echter nog geen precieze einddatum geven, wanneer de school volledig klaar zal zijn.

Pleisterwerken aan een leraarswoning


Pleisterwerken aan een leraarswoning


Pleisterwerken aan een leraarswoning

Wat de schaaklessen betreft, moet ik toegeven dat het aantal geïnteresseerde jongeren een beetje (fors) is teruggelopen (:-(), maar daarvoor heb ik één leerling in de plaats gekregen die met het oog op de verspreiding van het schaakspel hier in Nouna, misschien wel veel belangrijker is. Het gaat om de turnleraar, Eli Sankara, van het nabijgelegen College Charles Lwanga. Aangezien het schaakspel hier in Burkina Faso zo goed als onbekend is, heeft Eli nooit de kans gehad om het te leren. Ik kan nu gerust stellen dat hij reeds een eerste fase achter de rug heeft. Eli beheerst perfect de regels van het spel en weet hoe de verschillende stukken kunnen en mogen bewegen. Nu kan hij zich volledig op het eigenlijke spel concentreren. Ik probeer hem zo goed mogelijk te begeleiden, zodanig dat hij definitief door de schaakmicrobe gebeten wordt. Eli toont zich in ieder geval zeer gemotiveerd en heeft reeds aangekondigd dat er een dag zal komen dat hij mij zal verslaan. Ik kan alleen maar hopen dat deze dag snel zal komen. Het zal een hoogdag zijn voor het schaakspel in Burkina Faso.

Eli achter het schaakbord

Eli is afkomstig van Ouagadougou alwaar hij lid was van een atletiekclub. Hij is vast van plan om ook hier in Nouna met een atletiekclub te beginnen. Elke zondag, maandag en woensdag geeft hij training aan een aantal leerlingen van het college. Hij stelt echter vast dat zijn atleten veelal niet over de gepaste uitrusting beschikken, vooral de sportschoenen blijken een probleem te zijn. Veel leerlingen trainen dan ook op blote voeten. Eli weet me te vertellen dat tweedehands sportschoenen die uit Europa komen, van kwaliteit vaak beter zijn dan de nieuwe sportschoenen die men hier in Burkina kan kopen. Ik heb Eli dan ook beloofd om bij mijn terugkeer naar België een inspanning te doen om tweedehands sportschoenen voor zijn achttien atleten in te zamelen. Deze sportschoenen zal ik dan meenemen wanneer ik in september naar Burkina terugkeer.

De atleten van Eli


Groepstraining


In positie voor de honderd meter


En af!

Bij deze zou ik dan ook aan iedereen een oproep willen doen om eens in zijn kast te kijken om te zien of hij geen paar sportschoenen heeft staan dat nog in min of meer goede staat is en niet meer gebruikt wordt. Voor de meisjes ben ik op zoek naar de maten 39, 41 en 42, voor de jongens ben ik op zoek naar de maten 41 (3x), 42 (4x), 44 (4x) en 45 (4x). U kan mij altijd een seintje geven op mijn email-adres jonasmaas@hotmail.com en dan kom ik de schoenen zo snel mogelijk ophalen. Alvast hartelijk dank! De zwarte petjes die de atleten op de foto’s dragen, zijn geschonken door de muziekgroep Katastroof. Het was bij mijn rondgang door de Antwerpse wijk Zurenborg op zoek naar petjes dat een lid van de groep, Jos Hermans, me deze petjes cadeau heeft gedaan. Nen dikke merci hiervoor aan alle groepsleden van Katastroof! De petjes zullen de atleten alleszins behoeden voor een zonneslag…

Bij het verspringen...


Bij het verspringen


Eli schrijft de schoenmaten van zijn atleten op.


De atletiekclub 'Katastroof'

maandag 21 april 2008

Week 14/04/08 – 20/04/08

En toen schiep God de hitte! Na een aarzelende start in het begin van de maand maart is de grote hitte nu wel degelijk gearriveerd. Ik moet zeggen dat temperaturen boven de 40°C toch lichtjes ongemakkelijk aanvoelen. Het is niet zozeer de warmte zelf, maar het gezweet en de plakkerigheid die ermee gepaard gaan. ’s Morgens wakker worden en vaststellen dat je kopkussen helemaal nat is, is minder fijn. Eenmaal het zweet opgedroogd, blijft er dan een lekkere zoutlaag op je voorhoofd achter. Hoewel er nu enkel warm tot heet water uit de kraan komt, kan een douche nog altijd wonderen doen. Tot overmaat van ramp neemt echter met de hitte ook het aantal stroom- en wateronderbrekingen toe. Dat betekent geen elektriciteit om de ventilator te laten draaien en geen water voor de verkwikkende douche. Het enige voordeel van de warmte is dat de was bijzonder snel droog is.

Lesgeven bij 42°C in de schaduw is niet vanzelfsprekend, maar ook weer niet onmogelijk. Ik heb de indruk dat de hitte mijn leerlingen alleen maar rumoeriger maakt, het bevordert de aandacht in ieder geval niet. Tijdens de laatste twee weken heb ik echter een veel treurigere vaststelling gedaan. Minstens tien van mijn leerlingen komen niet meer naar de lessen. Reden: ze hebben de laatste schijf van hun schoolgeld niet kunnen betalen. Als je weet dat het hier gaat om een bedrag van 75 000 CFA ofwel 112 €, dan sla je driedubbel achterover. Het bedrag is eenvoudig te groot, de ouders kunnen het niet betalen. Je vraagt je af hoe het mogelijk is.

Locatie voor het lasatelier voor aanvang van de werken

Toch is er ook nog goed nieuws. Sinds twee weken zijn we van start gegaan met de bouw van het atelier voor het lasproject. Het lasproject houdt twee zaken in: enerzijds de bouw en de uitrusting van een nieuw lasatelier, anderzijds de opleiding van kansarme jongeren tot lasser. Zo willen Innocent en ik vanaf oktober tenminste vier jongeren die geen kans hebben gehad om naar school te gaan, intensief begeleiden en hen de stiel van lasser aanleren. Innocent die reeds twintig jaar ervaring heeft in het vak, zal het praktische gedeelte voor zijn rekening nemen, wat meteen ook het zwaartepunt van de opleiding uitmaakt. Ikzelf zal de jongeren op theoretisch vlak ondersteunen met eenvoudige wiskunde en technisch tekenen.

Locatie voor het lasatelier voor aanvang van de werken


Locatie voor het lasatelier voor aanvang van de werken

Heel dit project heb ik in een dossier samengevat en ter financiering voorgelegd aan de vzw Afrant. Wat het atelier betreft, heb ik aan Salif Toé, een collega-leerkracht van me op het CFP, gevraagd om een bestek op te maken en een plan uit te tekenen. De vzw Afrant heeft het dossier ondertussen goedgekeurd en het geld voor de bouw van het atelier overgemaakt. Voor de bouw is een termijn van twee maanden voorzien, zodat het atelier reeds klaar zal zijn nog voor ik einde juni terug naar België keer. Nu rest ons nog om geld in te zamelen voor de aankoop van een aantal machines en didactisch materiaal. In ieder geval willen we bij mijn terugkomst in september ineens met het lasproject van start gaan.

Het lasatelier wordt gebouwd op twee percelen in het centrum van Nouna. Een eerste groot karwei was om de boom die op de scheidingslijn van de twee percelen staat, te verwijderen. Vervolgens is Salif met een aantal leerlingen van het CFP uit de richting bouwkunde gekomen om het plan van het atelier op het terrein uit te zetten. Eenmaal deze taak volbracht, heeft François, de eigenlijke aannemer, zijn arbeiders aan het werk gezet om de fundamenten uit te graven. Ondertussen zijn ook al natuurstenen voor de muren, stenen voor de fundamenten en grind op de werf aangebracht. Voorlopig verloopt alles heel vlot en zijn er nog geen onvoorziene problemen opgedoken.

Het team dat het plan op het terrein heeft uitgezet: (vlnr) François, Eric, Sonja, Salif en Hamidou


Tijdens de uitzetting van het plan op het terrein


Tijdens de uitzetting van het plan op het terrein


Tijdens de uitzetting van het plan op het terrein


Tijdens de uitzetting van het plan op het terrein


De werf tijdens de graafwerken


De werf tijdens de graafwerken


De werf tijdens de graafwerken