maandag 3 november 2008

Week 20/10/08 – 02/11/08: Start van de lasopleiding

Op het CFP verloopt het begin van het schooljaar zonder al te veel problemen. Ik krijg wel weer een malaria-aanval van eerste categorie te verwerken, maar dankzij een efficiënt geneesmiddel (van Belgische makelij trouwens), ben ik na drie dagen al terug op de been. Ik heb drie klassen: eentje van 65 leerlingen, eentje van 52 en eentje van 27. Tijdens de eerste les in de klas van 27 schrik ik mij een hoedje: wat een rust en stilte! Het enige probleem dat zich stelt, is het nog altijd te uitgebreide programma voor een te kort schooljaar. Er zal weer wat kunst en vliegwerk aan te pas komen om het programma in de drie klassen op een min of meer aanvaardbare manier af te werken.

Met drie weken vertraging kunnen we op maandag 20 oktober 2008 eindelijk met de opleiding in het lasatelier van start gaan. De twee factoren die de vertraging hebben veroorzaakt, zijn enerzijds de installatie van een getriphaseerde elektriciteitskabel voor de stroomtoevoer in het atelier en anderzijds de aankoop van een metaalschaar in Ouagadougou.

De getriphaseerde elektriciteitskabel met bijhorende meter wordt geïnstalleerd.

Op woensdag 08 oktober 2008 zijn de mensen van de Sonabel, de Burkinese elektriciteitsmaatschappij, present om een getriphaseerde kabel en een nieuwe elektriciteitsmeter te plaatsen. Deze speciale kabel is noodzakelijk opdat de laspost en al de zware apparaten die we eventueel later in het atelier zullen gebruiken, volledig veilig kunnen functioneren. Hierna moet echter het hele elektriciteitsnetwerk in het atelier zelf nog eens nagekeken worden, want blijkbaar heeft de eerste elektricien zijn werk niet goed gedaan. Op woensdag 15 oktober 2008 arriveert dan ook de metaalschaar die we door onze goede vriend Célestin Zerbo in Ouagadougou hebben laten aankopen. Deze schaar is het laatste apparaat waarover we nog niet beschikten om alle basiswerkzaamheden te kunnen uitvoeren.

De nieuwe elektriciteitsmeter


Het team van het lasatelier: Amadou, Boureima, Innocent en Mustapha
(met de nieuwe metaalschaar rechts vooraan)

Zoals gezegd zullen we de komende twee jaar drie leerlingen in het lasatelier vormen. Onze drie gasten hebben een heel verschillend niveau. De eerste heet Amadou Koné, is 21 jaar oud en is naar school geweest tot het vierde jaar middelbaar. Hij heeft al enkele jaren ervaring in een ander lasatelier opgedaan, waardoor hij reeds zeer nauwkeurig metaal kan snijden, maar hij heeft nooit de kans gekregen om ook te lassen. De tweede heet Boureima Zon, is 18 jaar oud en is naar school geweest tot het tweede jaar middelbaar. Boureima heeft geen enkele ervaring en is dan ook een nieuwkomer in het vak. Zijn voordeel is echter wel dat hij vlot Frans spreekt. Onze derde leerjongen daarentegen, Mustapha Balima, zoon van de imam van de grote moskee in Nouna, spreekt enkel Djoula en is nooit naar school geweest. Hij kan dus lezen noch schrijven. Ook op het vlak van lassen heeft hij geen enkele ervaring. Het is ongetwijfeld Mustapha die onze grootste uitdaging wordt. Aangezien de praktijklessen in het Frans verlopen (met eventuele vertaling voor Mustapha in het Djoula), heb ik besloten om mij op het vlak van de theoretische ondersteuning in de eerste plaats met Mustapha bezig te houden. Mustapha moet zo snel mogelijk Frans leren lezen en schrijven om zo zijn achterstand ten opzichte van de andere twee weg te werken. Het is wel de bedoeling dat de drie gasten mekaar op alle vlakken wederzijds ondersteunen en aanmoedigen.

Amadou en Mustapha bij het snijden van metaal


Georges Kouda, verantwoordelijke van de foyer 'Terre des Enfants'

Ondertussen ben ik ook gecontacteerd door Georges Kouda, de stichter en verantwoordelijke van de foyer ‘Terre des Enfants’ hier te Nouna. Zoals ik vorig jaar reeds aangehaald heb, is de huisvesting van leerlingen in Nouna een groot probleem. Leerlingen van binnen en buiten de provincie vinden in Nouna maar moeizaam een plaats waar ze rustig kunnen studeren zonder al te veel afgeleid te worden door de risico’s van de ‘grote’ stad. In de foyer ‘Terre des Enfants’ van Georges Kouda leven een 50-tal jongeren, waarvan de ouders moeite hebben om de huisvesting van hun kinderen te betalen, in gemeenschap samen. Het gaat om een 30-tal jongens en een 20-tal meisjes.

Zicht op de slaapzalen van de jongens

De foyer bestaat sinds 2002, het jaar waarin Georges Kouda, onderwijzer in het dorpje Bouni, met een 20-tal van zijn pupillen naar Nouna is verhuisd om hen te ondersteunen bij de toegang tot het eerste jaar middelbaar onderwijs. Sinds 2003 heeft Georges van de stad Nouna een terrein van 4700 m² ter beschikking gekregen waarop ondertussen met de hulp van een Franse vzw een hele infrastructuur is uitgebouwd om leerlingen te huisvesten. Zo beschikt de foyer vandaag de dag over 4 slaapzalen, 2 logementen, een bibliotheek, een keuken, een studiehal die ook kan dienst doen als eetzaal, twee containers die dienst doen als magazijn en een atelier.

De algemene vergadering bij het begin van het schooljaar

Een dergelijk initiatief kan natuurlijk altijd hulp gebruiken en Georges laat het dan ook niet na om mij zijn foyer voor te stellen. Op zaterdag 11 oktober 2008 breng ik een bezoek aan de foyer en tijdens de ‘algemene vergadering’ aan het begin van het schooljaar die die dag plaatsvindt, stel ik vast dat een 10-tal van mijn leerlingen op het CFP ook in de foyer verblijven. Ik ben natuurlijk niet de man van de grote middelen en vraag Georges wat ik concreet voor de foyer zou kunnen betekenen. Ik vertel hem van het lasatelier dat we gebouwd hebben en stel hem voor om eventueel wat uitrusting voor de foyer te fabriceren. Georges pikt hier gretig op in en zegt me dat een aantal schoolbanken altijd welkom zijn. Ik stel voor om drie schoolbanken te fabriceren, wat meteen ook een goede praktijkoefening is voor onze gasten in het atelier. Georges weet dit voorstel ten zeerste te appreciëren.

Leerlingen van de foyer 'Terre des Enfants'


Boureima en Amadou bij het lassen van onderdelen voor de schoolbanken

Zo gezegd, zo gedaan. Op maandag 20 oktober kan ik Innocent en onze leerjongens al meteen aan het werk zetten. Tegelijk zullen ze ook nog wat uitrusting voor het lasatelier zelf fabriceren, nl. drie tafeltjes met elk een stoel voor de theoretische lessen en een kast. Zelf neem ik Mustapha een aantal uren apart om zijn Frans bij te spijkeren.

Het plan van de schoolbanken op het bord van het atelier


Boureima, Mustapha, Innocent en Amadou op de schoolbanken die ze zelf gefabriceerd hebben

Op zaterdag 1 november 2008 zijn de drie schoolbanken klaar. De banken gaan echter niet de deur uit vooraleer ik een foto genomen heb van onze gasten op de schoolbanken die ze zelf hebben in elkaar gestoken. In de namiddag komen de leerlingen van de foyer de schoolbanken met ezel en kar ophalen. De drie banken zullen in de bibliotheek van de foyer geplaatst worden, waar ze hopelijk vele jaren zullen kunnen dienen…

De leerlingen van de foyer 'Terre des Enfants' met hun drie nieuwe schoolbanken

woensdag 1 oktober 2008

Week 16/09/08 – 28/09/08: Terug in Burkina

Het moment om naar de brousse terug te keren, is aangebroken! Op dinsdag 16 september neem ik ’s morgens vanuit Brussel de TGV naar Paris Charles de Gaulle om van daaruit naar Ouagadougou door te vliegen. Ondanks een uur vertraging verloopt de vlucht vlot. Voor het eerst vang ik een glimp op van de Sahara, een gele zee van zand. De twee vorige vluchten waren immers nachtvluchten. Zoals gewoonlijk maken we een tussenlanding in Niamey, de hoofdstad van Niger. Aangekomen in Ouaga voelt het goed om terug te zijn. België heeft zo zijn voordelen, maar Burkina Faso heeft een charme waaraan niet zomaar valt te ontkomen. De uit een steegje komende stank die je voorheen soms zo vervloekt hebt, riekt nu plots bekend in de neus. In Ouaga weet ik waarop en waaraf. Geen straatventers meer die aan mij blijven kleven.

De grote moskee in Ouagadougou

Dit jaar zal het erop aankomen de kennis die ik het afgelopen jaar heb opgedaan, te verdiepen. De planning voor de komende negen maanden ligt eigenlijk al zo goed als vast. In het Centre de Formation Professionnelle zal ik 12 uur wiskunde per week geven. Daarnaast komt de organisatie van het lasatelier en de begeleiding van onze leerjongens. Ik zal me niet enkel met hun vorming bezighouden, maar ook de nodige opdrachten voor het atelier moeten versieren om de gasten zoveel mogelijk praktijkervaring te laten opdoen. Verder staat er in het kader van de alfabetisering van de provincie Kossi een tour langs een aantal dorpen op het programma voor de toneel- en dansgroep van Goni. Tijdens de kerstvakantie gaat het richting Benin om de projecten van Afrant aldaar te bezoeken. Tenslotte wil ik in de loop van dit jaar ook de verenigingen in Nouna leren kennen die zich bezighouden met de opvang van aids-wezen en hiv-besmette jongeren. Dit laatste is een onderwerp dat mij meer en meer begint te interesseren. Ziedaar het concrete programma voor het schooljaar 2008-2009. Wat het resultaat zal zijn, zullen we in juni zien…

Het grootste lyceum van Ouagadougou

Op woensdag 17 september ontmoet ik in Ouagadougou Allain Long, de directeur van de Italiaanse ngo ‘Reach Italia’. Deze ngo heeft de lagere school van het dorp Biron gebouwd en heeft sinds vorig jaar ook het beheer ervan terug op zich genomen. Het is de school waarvan Afrant tijdens de afgelopen zomer de twee daken heeft vervangen. Als vanzelfsprekend is de heer Long zeer verheugd over het werk dat Afrant heeft verricht en hij belooft om einde oktober, begin november in eigen persoon een bezoek aan de school te brengen.

De lagere school van Kamiankoro

Ik ben nog maar een paar dagen in Nouna aangekomen of abbé Simon Konkobo, de beheerder van de financiën van het bisdom, maakt me erop attent dat ook aan de lagere school van zijn geboortedorp, Kamiankoro, het een en ander te renoveren valt. Tja…, ik besluit om maar onmiddellijk een afspraak te maken voor een bezoek aan zijn dorp, al was het maar om een hoop gezaag te vermijden. Op dinsdag 23 september rijden we met zijn drieën naar Kamiankoro. Salif Toe, bouwkundig technicien en collega op het CFP, is ook van de partij om gelijk een deskundige stand van zaken op te maken.

In de klas van lagere school van Kamiankoro


De vloer is zwaar gehavend.

In tegenstelling tot Biron telt de lagere school van Kamiankoro slechts drie klassen waar in totaal maar liefst 177 leerlingen schoollopen. Hoewel het abbé Simon in de eerste plaats te doen is om de herstelling van de vloer in één van de klaslokalen en eventueel het herschilderen van de muren, stellen we echter vast dat er wel meerdere gebreken aan het schoolgebouw zijn. Zo blijken de ramen van de drie klaslokalen te klein, bevindt het dak zich in een belabberde staat en dreigt de bepleistering op één van de buitenmuren eraf te donderen. Niets aan te doen, ik vraag aan Salif om al de kosten in een bestek te gieten zodat er tenminste duidelijkheid is. Achteraf kunnen we dan nog altijd zien wat we ermee gaan doen. Een dag later krijg ik het bestek onder ogen. De totale kost van de renovatie bedraagt zo’n 5263 euro.

Aan de achterkant van de school dreigt de bepleistering eraf te donderen.


Doorheen het gierstveld.

De Burkinees is en blijft in de eerste plaats landbouwer, zelfs wanneer hij de job van leerkracht uitoefent. Eli Sankara, de sportleraar van het Collège Charles Lwanga (CCL) en tegelijk mijn beste schaakleerling, neemt me woensdag mee naar het veld waarop hij tijdens de afgelopen zomer hard heeft gewerkt. Hij heeft zich geassocieerd met een collega van hem, Victorien Kini, om pindanoten en sesam te telen. Victorien is naast leerkracht op het CFP en het CCL ook technicien van de grote zendmast van de nationale Burkinese radio en televisie in Nouna. Hij woont in het gebouw van de zendmast en heeft de grond rond de mast ter zijner beschikking. Het is op die plek, even buiten Nouna, dat Victorien en Eli hun kwaliteiten als landbouwer in praktijk hebben gebracht.

Eli in zijn pindanotenveld


Victorien proeft de oogst.

Met z’n drieën lopen we het veld in om het resultaat van het hard labeur te controleren. Doorheen een gierstveld bereiken we de pindanoten van Eli. De plant van de pindanoten groeit eerder laag bij de grond, terwijl de noten zelf aan de wortel in de grond zitten. Het lijkt er in ieder geval op dat het werk wat heeft opgeleverd. De plantjes staan er mooi bij. Eli en Victorien trekken een aantal plantjes met wortel en al uit de grond om de kwaliteit van de noten te proeven. De pindanoten hebben bij de oogst een wat vochtig, vlezige smaak. Persoonlijk vind ik ze lekkerder wanneer ze in een tweede fase gekookt zijn (de pindanoten zoals we ze in de winkel kunnen kopen). Vervolgens lopen we door naar het gezamenlijke sesamveld van Eli en Victorien. In tegenstelling tot de pindanoot is de sesamplant iets langer van structuur met mooie bloemetjes. Ook het sesamveld geeft een mooie indruk. Nog een paar weken en de oogst kan beginnen.

Het gezamenlijke sesamveld


De twee boeren overschouwen hun veld.

In het lasatelier wordt het ‘schooljaar’ voorbereid. Deze week hebben Innocent en ik een intern reglement van het atelier opgesteld opdat onze leerjongens weten wat van hen verwacht wordt. De opleiding vindt plaats van maandag tot zaterdag gedurende de dag, met respect voor religieuze feesten en gebruiken. De gasten worden om 7 uur ’s morgens verwacht. Het accent van de opleiding ligt op het praktische gedeelte, maar desalniettemin zal ik toch ook 8 à 9 uur aanwezig zijn voor de theoretische begeleiding. De opleiding is gratis en de leerjongens krijgen alle didactisch materiaal en veiligheidsuitrusting ter beschikking. De opleiding zal twee jaar duren en het aantal leerlingen wordt vastgelegd op drie.

Innocent in zijn bureau bij het opstellen van het intern reglement

Aangezien Innocent twintig jaar geleden eenzelfde situatie als leerjongen heeft doorlopen, kan hij zich perfect in hun situatie inleven en weet hij waar de pijnpunten liggen. Met een aantal maatregelen die worden opgenomen in het intern reglement, willen we de gasten vooral aanmoedigen om met de opleiding door te gaan. Zo krijgen ze ’s middags een warme maaltijd en krijgen ze per week een bepaald bedrag om zeep te kopen om hun werkkledij te wassen. Verder worden ze ook tegen ziekte verzekerd. We roepen de leerjongens één voor één bij ons en nemen samen met hen het intern reglement door. Vervolgens geven we hen een week tijd om nog eens over hun engagement na te denken. Ondertussen kan het atelier dan ook technisch helemaal in orde gebracht worden. Er moet immers nog een getriphaseerde kabel geplaatst worden.

Zicht op het atelier


Binnen in het atelier

Op donderdag 25 september brengen Innocent en ik, vergezeld door de aannemer Salif Toe en zijn werfleider Bona, een bezoek aan de lagere school van Biron om de uitgevoerde renovatiewerken te evalueren. In de loop van de afgelopen twee maanden mocht ik al veelbelovende foto’s ontvangen. De twee schoolgebouwen hebben niet alleen een nieuw dak gekregen, maar zowel de buiten- en binnenmuren als de vensters en deuren hebben een nieuw laagje verf gekregen. Het resultaat is werkelijk heel fraai. Als de leerlingen nu nog niet graag naar school komen, weet ik het ook niet meer…

Op de speelplaats van de lagere school van Biron: de directeur, Innocent, Salif en Bona


Elke klas beschikt natuurlijk over een kast!


De deuren en ramen zijn herschilderd.


De lagere school van Biron

dinsdag 3 juni 2008

Week 26/05/08 – 01/06/08

Het schooljaar op het CFP is afgelopen. De leerlingen die in het laatste jaar bouwkunde en elektronica zitten, bereiden zich nu voor om in Ouagadougou hun eindexamens te gaan afleggen. Verlopen deze examens positief, dan zien zij hun inspanningen beloond met een Certificat d’Aptitude Professionnelle ofwel een CAP-diploma. In het Belgisch onderwijssysteem zou dit betekenen dat je na vier jaar technisch middelbaar onderwijs een diploma kan behalen. Voor de overige leerlingen is het schooljaar nu reeds gedaan.

Het vroege einde van het schooljaar biedt Innocent en mij de gelegenheid om in Ouagadougou al enkele apparaten voor het lasatelier aan te kopen. Op dinsdag 27 mei vertrekken we dan ook op handelsmissie richting de grote hoofdstad. Het lot wil dat we in Ouaga Célestin ontmoeten, een oude vriend van Innocent uit Nouna en bovendien oud-leerling van het CFP. Na zijn studies bouwkunde aan het CFP, heeft Célestin nog twee jaar verder gestudeerd in Abidjan alvorens een carrière als aannemer te beginnen. Het is reeds 18 jaar dat Innocent en Célestin mekaar niet meer gezien hebben.

Célestin blijkt de ideale man om ons te begeleiden op onze handelsmissie in Ouaga. Als doorwinterde aannemer kent hij de winkels te Ouaga als geen ander en hij dwingt de verkopers dan ook vlotjes om met hun beste prijs op de proppen te komen. Pittig detail is dat het etnisch aspect in het kader van de zgn. ‘plaisanterieën’ tussen Mossi en Samo weer grondig in de verf wordt gezet. Célestin en Innocent, beiden behorende tot de etnische groep van de Samo, kunnen het niet laten om de Mossi-verkopers weer eens deftig te beledigen. Het werkt als het ware als een automatisme, een rode lap op een stier. Daar waar een Mossi deze beledigingen niet zomaar onbeantwoord zal laten, is nu de reactie van de Mossi-verkopers eerder lauw, wellicht omdat ze zich in de positie van verkoper bevinden.

De manier waarop het weerzien tussen Innocent en Célestin heeft plaatsgevonden, doet je vragen stellen of toeval wel bestaat. Innocent en ik zijn rustig op de brommer door Ouaga aan het tuffen als we exact, maar dan ook exact voor de werf van Célestin panne krijgen. De zuiger van één van de twee cilinders blijkt weer eens geblokkeerd. Hoewel dit een gekend probleem is, is er eigenlijk helemaal geen aanleiding voor deze panne, omdat de brommer twee dagen voordien nog helemaal is nagekeken, juist om een dergelijke panne te vermijden. Eenmaal de panne een feit, zijn we nog maar enkele stappen van Célestin verwijderd. Uiteindelijk kunnen we met de hulp van Célestin voor een redelijke prijs een laspost, een boormachine en een slijpmolen kopen.

Vrijdag op onze terugweg naar huis mogen we dan weer blij zijn dat er geen ongelukken gebeurd zijn met de bus die ons van Ouaga naar Nouna brengt. Het gaat om een grote gele schoolbus naar Amerikaans model die er op het eerste zicht nog wel redelijk goed uitziet. Vrijdagmorgen verlaten we Ouaga in de regen. De bus zit stampvol met veel bagage op het dak. Op het traject van Koudougou naar Dédougou, een stuk weg dat niet geasfalteerd is, merken we reeds dat de chauffeur met overdreven snelheid over de glooiingen van de weg scheert waardoor de passagiers achteraan in de bus enkele centimeters in de lucht worden gelanceerd. Enkele kilometers na Dédougou ziet de chauffeur zich uiteindelijk genoodzaakt om zijn voertuig aan de kant te zetten. Het rechtervoorwiel wordt gedemonteerd en wat blijkt, de enige rem die het voertuig bezit, heeft het volledig begeven. Eventjes wordt geopperd om voorzichtig naar Nouna door te rijden in de veronderstelling dat de rem van het linkervoorwiel nog werkt. De chauffeur zegt echter zonder blikken of blozen dat deze rem reeds gedemonteerd is en ook op de achterwielen blijken geen remmen te zitten. Van een technische autocontrole is hier in Burkina natuurlijk geen sprake. Je mag er niet aan denken in wat voor toestand sommige vehikels hier rondrijden.

bus zonder remmen







Ondertussen zijn de werken aan het lasatelier weeral goed opgeschoten. Het atelier is nu bijna zo goed als af. Enkel de elektriciteit dient nog afgewerkt te worden en er resten ook nog schilderwerken. Met de aankoop van de eerste uitrusting raakt nu stilaan alles in orde om begin oktober met de lascursus van start te gaan. Er hebben zich inmiddels ook al voldoende kandidaten aangeboden. De jongeren zullen in de eerste plaats geselecteerd worden op basis van hun motivatie om de stiel van het lassen te leren. We kunnen nu in ieder geval met een gerust gemoed einde juni naar België terugkeren. Hieronder nog enkele foto’s die het verloop van de bouw van het lasatelier laten zien.

21-05-08: ramen en deuren worden geplaatst.


21-05-08: ramen en deuren worden geplaatst.


24-05-08: De timmerman werkt aan het geraamte voor het dak.


26-05-08: de dakplaten zijn aangebracht.


03-06-08: er resten nog elektriciteits- en schilderwerken.


03-06-08: Innocent rolt de laspost op zijn plaats.


03-06-08: het materiaal dat we in Ouaga aangekocht hebben: een laspost, een boormachine en een slijpmolen


03-06-08: de elektricien doet zijn werk.


03-06-08: de schilder geeft de luiken een laagje verf.